Echtscheiding uit het oogpunt van de bijbel


Eerst laten wij de Bijbelteksten, die voor deze vraag relevant zijn zien en komt een uitleg. De Bijbelteksten zijn volgens de NBG 51 vertaling geciteerd. Die vertaling is ouderwetser, maar vaak preciezer als andere vertalingen.

Bijbelteksten over echtscheiding / hertrouwen

Matteüs 5: 27-32:
Gij hebt gehoord, dat er gezegd is: Gij zult niet echtbreken. Maar Ik zeg u: Een ieder, die een vrouw aanziet om haar te begeren, heeft in zijn hart reeds echtbreuk met haar gepleegd. Indien dan uw rechteroog u tot zonde zou verleiden, ruk het uit en werp het van u, want het is beter voor u, dat één uwer leden verloren ga en niet uw gehele lichaam in de hel geworpen worde. En indien uw rechterhand u tot zonde zou verleiden, houw haar af en werp haar van u; want het is beter voor u, dat één uwer leden verloren ga en niet uw gehele lichaam ter helle vare. Er is ook gezegd: Al wie zijn vrouw wegzendt, moet haar een scheidbrief geven. Maar Ik zeg u: Een ieder, die zijn vrouw wegzendt om een andere reden dan ontucht, maakt, dat er echtbreuk met haar gepleegd wordt; en al wie een weggezondene trouwt, pleegt echtbreuk.

Matteüs 19: 1-12:
En het geschiedde, toen Jezus deze woorden geëindigd had, dat Hij uit Galilea vertrok, en Hij kwam over de Jordaan in het gebied van Judea. En vele scharen volgden Hem en Hij genas hen aldaar. En er kwamen Farizeeën tot Hem om Hem te verzoeken, en zij zeiden: Is het geoorloofd zijn vrouw weg te zenden om allerlei redenen? Hij antwoordde en zeide: Hebt gij niet gelezen, dat de Schepper hen van den beginne als man en vrouw heeft gemaakt? En Hij zeide: Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zijn vrouw aanhangen en die twee zullen tot één vlees zijn. Zo zijn zij niet meer twee, maar één vlees. Hetgeen dan God samengevoegd heeft, scheide de mens niet. Zij zeiden tot Hem: Waarom heeft Mozes dan bevolen een scheidbrief te geven en haar (daarmede) weg te zenden? Hij zeide tot hen: Mozes heeft u met het oog op de hardheid uwer harten toegestaan uw vrouwen weg te zenden, maar van den beginne is het zo niet geweest. Doch Ik zeg u: Wie zijn vrouw wegzendt om een andere reden dan hoererij en een andere trouwt, pleegt echtbreuk. De discipelen zeiden tot Hem: Indien voor een man de zaak met zijn vrouw zó staat, is het niet raadzaam te trouwen. Doch Hij zeide tot hen: Niet allen vatten dit woord, alleen zij, aan wie het gegeven is. Er zijn immers gesnedenen, die zo uit de moederschoot geboren zijn, en er zijn gesnedenen, die door de mensen gesneden zijn, en er zijn gesnedenen, die zichzelf gesneden hebben, ter wille van het Koninkrijk der hemelen. Die het vatten kan, die vatte het.

1 Korintiërs 7: 10-16 en 31:
Doch hun, die getrouwd zijn, beveel ik niet, maar de Here, dat een vrouw haar man niet mag verlaten – is dit tóch gebeurd, dan moet zij ongehuwd blijven of zich met haar man verzoenen – en een man moet zijn vrouw niet verstoten. Maar tot de overigen zeg ik, niet de Here: heeft een broeder een ongelovige vrouw, die erin bewilligt met hem samen te wonen, dan moet hij haar niet verstoten. En een vrouw moet, als zij een ongelovige man heeft, en deze erin bewilligt met haar samen te wonen, die man niet verstoten. Want de ongelovige man is geheiligd in zijn vrouw en de ongelovige vrouw is geheiligd in de broeder. Anders zouden immers uw kinderen onrein zijn, doch nu zijn zij heilig. Maar indien de ongelovige haar verlaat, laat hij haar verlaten. De broeder of zuster is in dit geval niet gebonden; tot vrede heeft God u geroepen. Want hoe kunt gij weten, vrouw, dat gij uw man zult redden? Of hoe kunt gij weten, man, dat gij uw vrouw zult redden?

Een vrouw is gebonden, zolang haar man leeft; maar indien haar man is ontslapen, is zij vrij om te trouwen, met wie zij wil, mits in de Here.

Marcus 10: 1-12:
En Hij stond op en vertrok vandaar naar het gebied van Judea en het Overjordaanse, en weder kwamen de scharen bij Hem samen en weder leerde Hij hen, zoals Hij gewoon was. En er kwamen Farizeeën tot Hem en vroegen Hem, om Hem te verzoeken: Is het een man geoorloofd zijn vrouw weg te zenden? Hij antwoordde en zeide tot hen: Wat heeft Mozes u geboden? Zij zeiden: Mozes heeft toegestaan een scheidbrief te schrijven en haar (daarmede) weg te zenden. Jezus zeide tot hen: Met het oog op de hardheid uwer harten heeft hij u dat gebod geschreven. Maar van het begin der schepping heeft Hij hen als man en vrouw gemaakt; daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten, en die twee zullen tot één vlees zijn. Zo zijn zij niet meer twee, maar één vlees. Hetgeen dan God samengevoegd heeft, scheide de mens niet. En thuis vroegen de discipelen Hem weder naar die zaak. En Hij zeide tot hen: Wie zijn vrouw wegzendt en een andere trouwt, pleegt echtbreuk ten opzichte van haar; en indien zij haar man verlaat en een ander trouwt, pleegt zij echtbreuk.

Lukas 16: 18:
„En ieder, die zijn vrouw wegzendt, en een andere trouwt, pleegt echtbreuk; en wie een vrouw, die door haar man weggezonden is, trouwt, pleegt echtbreuk.”

Romeinen 7: 1-4:
Of weet gij niet, broeders, – ik spreek immers tot wie de wet kennen – dat de wet heerschappij voert over de mens, zolang hij leeft? Want de gehuwde vrouw is door de wet aan haar man gebonden, zolang deze leeft; wanneer echter de man sterft, is zij ontslagen van de wet, die haar aan die man bond. Zo zal zij dan, indien zij bij het leven van haar man een ander tot man neemt, echtbreekster heten; wanneer echter de man sterft, is zij vrij van de wet, zodat zij geen echtbreekster is, indien zij zich aan een andere man geeft. Bijgevolg, mijn broeders, zijt ook gij dood voor de wet door het lichaam van Christus om het eigendom te worden van een ander, van Hem, die uit de doden opgewekt is, opdat wij Gode vrucht zouden dragen.

Genesis 2: 24:
„Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zijn vrouw aanhangen, en zij zullen tot één vlees zijn.”

Maleachi 2: 10-16:
Hebben wij niet allen één Vader? Heeft niet één God ons geschapen? Waarom zijn wij dan trouweloos tegenover elkander en ontheiligen het verbond onzer vaderen? Juda is trouweloos geweest en een gruweldaad is bedreven in Israël en in Jeruzalem, want Juda heeft het heilige des HEREN, dat Hij liefheeft, ontheiligd, en heeft de dochter van een vreemde god getrouwd. De HERE roeie de man uit, die zulks doet, wie hij ook zij, uit de tenten van Jakob, ook al brengt hij offer aan de HERE der heerscharen. In de tweede plaats doet gij dit: gij bedekt met tranen het altaar des HEREN, onder geween en gezucht, omdat Hij Zich niet meer tot het offer wendt, noch het uit uw hand aanneemt als Hem welgevallig. En dan zegt gij: Waarom? Omdat de HERE getuige geweest is tussen u en de vrouw uwer jeugd, aan wie gij ontrouw geworden zijt, terwijl zij toch uw gezellin en uw wettige vrouw is. Niet één doet zo, die voldoende geest bezit, want wat zoekt die éne? Het zaad Gods. Weest dan op uw hoede voor uw hartstocht, en dat men niet ontrouw worde aan de vrouw zijner jeugd. Want Ik haat de echtscheiding, zegt de HERE, de God van Israël, en dat men zijn gewaad met geweldpleging overdekt, zegt de HERE der heerscharen. Daarom, weest op uw hoede voor uw hartstocht en weest niet ontrouw.

De laatstgeciteerde tekst laat zien, dat God een volk kiest dat hem trouw is, ook als dat volk op een geestelijke manier echtbreuk pleegt. Deze benadering van God is ook een argument voor monogamie en verwerpt hertrouw als zonde.

Verklaring van begrippen

Scheiden (Grieks: choizein):

Dit woord is een uitdrukking voor een scheiding van de echtgenoot of echtgenote (zonder een verdere verbinding).

Op een algemene manier wordt chorizein in Mat. 19:6 gebruikt: „Hetgeen dan God samengevoegd heeft, scheide de mens niet.” In 1 Kor. 7:10 heeft chorizein betrekking op de scheiding van de vrouw van haar man: „dat een vrouw haar man niet mag verlaten”

Verstoten / Verlaten (Grieks: apolyein):

Apolyein wordt bijna alleen maar gebruikt voor het feit dat een man zich van zijn vrouw laat scheiden – ze dus verstoot. Alleen in Marcus 10: 12 wordt apolyein ook voor de vrouw gebruikt „indien zij haar man verstoot…

De boven geciteerde verzen laten duidelijk zien, dat de uitdrukkingen verstoten / verlaten en scheiden, in deze verzen, hetzelfde betekenen!

Toch wordt soms geprobeerd het zo uit te leggen, dat „verstoten / verlaten” op een scheiding „met schuld”  en „scheiden” op een scheiding „zonder schuld” betrekking zou hebben. Dit met als doel, dat na de scheiding de „onschuldige” echtgenoot / echtgenote weer kan trouwen. Sommige mensen interpreteren dus: „wie zijn vrouw verstoot, …” zo, dat de vrouw schuld heeft (bijv. echtbreuk gepleegd heeft) en dat daarom de man, die zich van haar laat scheiden, weer kan trouwen.

Maar Markus 10: 11-12 laat heel duidelijk zien, dat Jezus deze uitzondering niet maakt! De nadruk ligt hier namelijk op „… en een andere trouwt, pleegt echtbreuk ten opzichte van haar

… Wie zijn vrouw wegzendt en een andere trouwt, pleegt echtbreuk ten opzichte van haar; en indien zij haar man verlaat en een ander trouwt, pleegt zij echtbreuk. (Marcus 10: 11-12)

Ontucht / Hoererij / Vreemdgaan (Grieks: porneia):

Porneia is een algemene uitdrukking voor seksuele zonden, maar meestal voor echtbreuk of in sommige gevallen voor een huwelijk met familieleden, wat bij de Joden niet was toegestaan.

Verbond (Echtverbintenis / huwelijksverbond):

Een belofte die voor het hele leven geldt.

Uitleg over huwelijk, scheiding en hertrouwen

Omdat alle bovengenoemde teksten duidelijk tegen hertrouw na een scheiding spreken, behalve Matteüs 5: 32 en Matteüs 19: 9, willen wij ons intensief en nauwkeurig met die 2 teksten bezighouden.

 

Inhoudelijk is Matteüs 5: 32 een verwijstekst van Lukas 16: 18 (zie verder beneden in dit artikel het vergelijk van deze verzen).

In de context spreekt Jezus over de Vervulling van de wet van het Oude Testament: Hij zegt bijv. in Mat. 5: 27-28: „Gij hebt gehoord, dat er gezegd is: Gij zult niet echtbreken. Maar Ik zeg u: Een ieder, die een vrouw aanziet om haar te begeren, heeft in zijn hart reeds echtbreuk met haar gepleegd.” Met de uitdrukking „Gij hebt gehoord,…. Maar ik zeg u…” verheft hij zijn woorden op een ondubbelzinnige manier boven de wet, boven de openbaring van het oude verbond. (Echtbreuk begint al in de gedachten. Het hart van de mens moet puur, zuiver en heilig zijn.)

Dan zegt Jezus verder in Mat. 5: 31-32: „Er is ook gezegd: Al wie zijn vrouw wegzendt, moet haar een scheidbrief geven. Maar Ik zeg u: Een ieder, die zijn vrouw wegzendt om een andere reden dan ontucht, maakt, dat er echtbreuk met haar gepleegd wordt; en al wie een weggezondene trouwt, pleegt echtbreuk.” Hier stelt Jezus zijn woorden/openbaring ook boven het gebod van de „Scheidbrief” – hij schaft de Scheidbrief af, die nooit de wil van God is geweest, maar een concessie/toegeving van Mozes aan het ongehoorzame volk. Jezus wil dus zeggen: Wie zijn vrouw verstoot, levert ze uit aan echtbreuk, omdat ze, om financieel voor zichzelf te kunnen zorgen, gedwongen is, weer te trouwen – behalve als die vrouw zelf echtbreuk had gepleegd, dan is de man niet degene, die ze door de scheiding aan de echtbreuk prijsgeeft. De verwijstekst in Luk. 16: 18, waar Jeus de kant van de man behandelt, laat duidelijk zien dat – om welke reden dan ook de man zijn vrouw had verstoten / verlaten – zodra hij weer trouwt, hij echtbreuk tegenover haar pleegt.

De „uitzondering bij echtbreuk” in Mat. 5: 32 „om een andere reden dan ontucht” (Grieks: parektos logou porneias) betekent dus niet, dat een man die zijn vrouw verlaat, omdat ze vreemd is gegaan, weer kan trouwen. Als hij weer trouwt, pleegt hij namelijk zelf echtbreuk. Vers 32b laat ook duidelijk zien, dat iedereen, die met een vrouw die verstoten is trouwt, echtbreuk pleegt, of ze nu schuldig was als ze werd verlaten of niet. Omdat die vrouw al had gezondigd, is zij degene, die echtbreuk heeft gepleegd en niet de man. Maar daardoor mag de man nog niet hertrouwen.

Scheiding was nooit de wil van God. Mozes had de scheiding toegelaten door de ongehoorzaamheid van het volk. Omdat het helaas een treurig feit was, dat in het Joodse volk van God altijd maar een heel klein gedeelte van de mensen gehoorzaam wilde zijn en de meeste mensen meestal heel ongehoorzaam waren. Daarom had God de scheiding en het hertrouwen toegelaten, omdat er anders mensen onder de ongehoorzaamheid van andere mensen heel erg hadden moeten lijden. Om sociale redenen was het voor een vrouw die verlaten was bijna onmogelijk niet opnieuw te trouwen, omdat ze anders niet financieel werd verzorgd. Ze had dan ook geen mogelijkheid zich door haar kinderen te laten verzorgen als ze oud werd. Daarom had Mozes de man, die zijn vrouw wegstuurt geboden, haar een Scheidbrief te geven. Deze Scheidbrief was een belangrijke bescherming voor de vrouw, het bewijs, dat deze vrouw geen hoer of prostituee is en geen geslachtsverkeer buiten het huwelijk om had (waar de doodstraf op stond), maar dat ze werd verlaten en rechtmatig weer kon trouwen.

Wat in het volk van Israël nooit mogelijk was – dat iedereen in gehoorzaamheid, liefde en diepe eenheid samen leefde, dat had Jezus in de gemeente vervuld, waar geen ongelovigen meer zijn, maar waar iedereen beslist had om Jezus zonder compromissen te volgen. Daardoor krijgt hij/zij dan ook de kracht door de Heilige Geest voor dit leven in de heiliging, de toewijding, liefde en gehoorzaamheid. Alleen als men het gebod van Jezus over de broederlijke liefde werkelijk begrijpt en daarin wil leven, kan men ook begrijpen wat het betekent, dat er bij God geen scheiding bestaat, en dat het voor een christen ook mogelijk is zo te leven. Voor God geldt elk huwelijk net zo lang tot één van de echtgenoten sterft. In het geval, dat één van de echtgenoten ongelovig is en zich van de christen wil laten scheiden, laat Paulus dit toe. Maar dat geldt voor God niet als een scheiding, waarna iemand weer zou mogen trouwen, maar voor God zijn die twee getrouwd, maar ze kunnen gescheiden van elkaar leven.

Het huwelijk is een verbond voor God. Dit huwelijksverbond moet men trouw houden, ook als de andere partner dit verbond breekt. Als de ongelovige partner zich van een christen laat scheiden – om welke reden dan ook – en als de christen dan weer zou trouwen, dan pleegt hij niet alleen zelf echtbreuk, maar hij zorgt er ook voor, dat zijn nieuwe echtgenoot / echtgenote diep in zonde van overspel en hoererij komt.

Omdat christenen als uitdrukking van de broederliefde in gemeenschap van goederen leven (Hand 2: 44-47; Hand 4: 32-37) is ook de sociale verzorging van de christelijke vrouw, die door haar ongelovige man is verlaten, geen probleem. Zij zal ook niet eenzaam zijn omdat God iedere christen dagelijks door de broederlijke liefde en eenheid diepe vervulling en vreugde geeft.

Overzicht en vergelijk van Mat. 5: 32 en Luk. 6: 18 (en Marc. 10: 11-12 ter ondersteuning)

Het gaat hier over het volgende punt: Betekent Mat. 5: 32 dat als mijn man / vrouw is vreemdgegaan, ik dan weer mag trouwen?

  • Mat. 5: 32a: Maar Ik zeg u: Een ieder, die zijn vrouw wegzendt om een andere reden dan ontucht, maakt, dat er echtbreuk met haar gepleegd wordt;
  • Luk 16: 18a: Een ieder, die zijn vrouw wegzendt, en een andere trouwt, pleegt echtbreuk; …
  • Marcus 10: 11: Wie zijn vrouw wegzendt en een andere trouwt, pleegt echtbreuk ten opzichte van haar;
  • Marcus 10: 12: en indien zij haar man verlaat en een ander trouwt, pleegt zij echtbreuk.
  • Mat. 5: 32b …en al wie een weggezondene trouwt, pleegt echtbreuk.
  • Luk. 16: 18b: …en wie een vrouw, die door haar man weggezonden is, trouwt, pleegt echtbreuk.

Marcus 10: 12 laat zien, dat ook als een vrouw haar man verlaat, voor haar precies hetzelfde geldt als voor de man in vers 11. Ook Mat. 19: 1-2 en Marcus 10: 1-12 zijn qua inhoud parallel. Hier legt Jezus uit, waarom Mozes de Joden had geboden, om de vrouw bij het verstoten een scheidingsbrief te geven – dat het oorspronkelijk niet de wil van God was en dat de mens dat, wat God samengevoegd had, niet moet scheiden. Ook hier „corrigeert” Jezus de wet oftewel, Hij laat zien op welke manier hij de wet vervult, dat men door hem zo kan leven, zoals God het oorspronkelijk wilde. Jezus spreekt tot de Joden – zijn discipelen waren ook Joden. Hij brengt tot uitdrukking, dat de basis voor de onontbindbaarheid van het huwelijksverbond al in de scheppingsorde ligt. Daarom heeft het „christen worden” ook geen invloed op de geldigheid van het huwelijksverbond.

Helaas is ook deze valse leer wijdverspreid, die uitdrukt, dat als je een christen wordt, een nieuw leven begint, en dat daarom het gescheiden huwelijk voor God niet meer als huwelijk geldt en je als christen dan weer zou kunnen trouwen.

Door de reactie van de discipelen ziet men ook, dat Jezus iets totaal nieuws brengt. Volgens de Joodse wet was het verstoten van een vrouw en het trouwen met een nieuwe vrouw toegestaan, als de vrouw echtbreuk had gepleegd (volgens Rabbi Schammai). Maar de discipelen begrijpen, dat er voor God geen scheiding bestaat, niet eens als de vrouw echtbreuk heeft gepleegd  - en ze vragen zich af of het dan raadzaam is überhaupt te trouwen. Ook deze reactie van de discipelen laat duidelijk zien, dat Jezus iets nieuws brengt. De mogelijkheid voor de man om te hertrouwen nadat zijn vrouw is vreemdgegaan, zou er niet toe geleid hebben, dat de discipelen zo verbaasd en verrast waren.

Bij de „echtbreukclausule” in Mat. 19: 9: „om een andere reden dan hoererij” is de oorspronkelijke Griekse tekst dubbelzinnig. In het Grieks staat: me epi porneia (dat betekent woordelijk: „niet wegens hoererij”). Dat kan betekenen: „geen scheiding wegens hoererij!”, OF het kan betekenen: „behalve wegens hoererij”. De oplossing van dit probleem komt uit de context, die hierboven al genoemd is en niet door de formulering van de tekst.

Hoe het onder christenen moet zijn schrijft Paulus heel duidelijk in 1 Kor. 7:10-16 en 39.

Samenvatting

Jezus benadrukt de monogamie als de wil van God. Dat kan men ook zien aan hand van de argumentatie met het verbond (één vlees), en dat een man zijn vrouw niet moet verstoten. Als om welke reden dan ook de man zijn vrouw verstoot, of de vrouw zich van de man laat scheiden, dan mogen hij en zij, zolang de gescheiden partner leeft, geen nieuwe relatie beginnen. Het eerste huwelijksverbond geldt zolang ze beide leven. Als hij of zij toch een nieuwe verbintenis aangaat, dan is dat echtbreuk voor God. Bij God bestaat scheiding niet. Elk huwelijk is voor God geldig zolang de twee echtgenoten leven. Jezus maakt geen verschil in alle Bijbelteksten of iemand nu schuldig is of niet als hij/zij wordt verstoten.

Omdat Jezus in Marcus en Lukas geen uitzonderingen maakt, kan hij ook in Matteüs geen uitzonderingen hebben bedoeld.

De reactie van de discipelen laat ook zien, dat er bij de vraag over de scheiding geen uitzondering bestaat. Hertrouwen is niet mogelijk zolang de echtgenoot of echtgenote nog leeft.

Paulus gaat in 1 Kor. 7 nog gedetailleerder in op bepaalde gevallen:

Als iemand al gescheiden is, en dan een christen wordt, dan moet hij ongetrouwd blijven of zich weer met zijn oorspronkelijke partner verzoenen. Als de ongelovige partner zich wil laten scheiden, dan moet de christen dat toelaten – „De broeder of zuster is in dit geval niet gebonden (letterlijk verslaafd); tot vrede heeft God u geroepen.

Dat de broeder of de zuster in zulke gevallen niet „verslaafd” is betekent, dat hij/zij niet tot een gemeenschappelijk leven met de ongelovige in onvrede en problemen is veroordeeld. Hij kan zich laten scheiden – en ongetrouwd blijven.